Commentaren van Lorenz

Commentaar door Lorenz Zuiverloon bij de teksten van zijn broer, Konrad. Klik op de titel van een bericht om te reageren.

Het is de hoogste tijd voor progressieve linkse intellectuelen al hun moed bij elkaar te rapen en zich radicaal te gaan herbronnen.

Door de immigratie aan te moedigen met het risico de eigen maatschappij te ontwrichten en daarbij het neoliberalisme te versterken maakt u een belangrijk deel van de bevolking tot vijand. In feite een zeer sociaal bewogen deel van de bevolking. Hoe meer links dergelijke mensen stigmatiseert en de heiligheid van multiculturaliteit en onbelemmerde immigratie uitroept, hoe intransiganter de anderen zich gaan opstellen tegenover ‘vreemdelingen’. Het gevolg is een nog rabiater anti-racistisch jargon van links en zo is de grass-roots oppositie, de ziel van de democratie terecht gekomen in een spiraal van onmacht.

Hier spelen de neoliberale politici handig op in door het principe divide et impera en door elk pleidooi voor de bescherming van de eigen samenleving te stigmatiseren als racistisch. Cynische politiek correcte linkse politici en opportunisten maken hiervan gebruik om in het spoor van de absurde anti-racistische hetze snel carrière te maken.

Aan deze gevaarlijke situatie moet voor eens en altijd een eind komen zodat het volk, bevrijd van die knellende tweedracht, de huidige politiek en sociale trend kan omkeren. Indien links verkiest de status quo te handhaven, zal het uiteindelijk verantwoordelijk zijn voor de definitieve overwinning van het neoliberale kapitalisme.

Denk aan uw kinderen en kleinkinderen en vat moed.

Wat zijn de redenen van de spreekwoordelijke agressie bij (een deel van de) Marokkaanse jongeren in Brussel tegenover de politie en meer algemeen tegenover Belgen?

  1. Als gevolg van de multiculturaliteit hebben veel jongeren in migrantenwijken geen cultureel opvangnet. Marokkaanse cultuur van de ouders gedeeltelijk kwijt gespeeld en geen integratie in de cultuur van het gastland (want er is immers multiculturaliteit). Gevolg: voor de grote sociale gebeurtenissen in het leven zoals de overgang van jongen naar jonge man is er geen bevredigend traditioneel ritueel. De jongeren in dat culturele vacuum van hun multiculturele wijk verlangen echter net zo goed naar bevestiging van hun man-zijn vanwege de gemeensschap. Die bevestiging vinden ze alleen nog in de subcultuur van de criminaliteit: sack-jackings, inbraken in auto’s, intimideren van autochtone scholieren, steaming en bovenal het tarten van de politie.
  2. Als wijkagent heb ik gemerkt dat onverklaarbaar agressief gedrag nog al eens te wijten is aan psychische problemen. Iemand spuwt vanuit het open venster op mijn kepie. Ik storm woedend de trappen op. Daar zit een jongen met een rare grijns op zijn gezicht, de moeder verontschuldigt zijn gedrag. Later leer ik hem kennen als een chronisch zieke onder medicatie.
  3. De islam is een oorlogszuchtige godsdienst. Zij zet aan tot geweld en wettigt onder andere zonder enig voorbehoud doodslag van ‘ongelovigen’. Ziedaar een andere subcultuur die multiculturele jongeren met open armen ontvangt. (zie Dagboek van een flik, blz 98-99)
  4. Er is het algemene natuurkundige principe van actie en reactie. Ook in de biologie is de actie van een individu in de grond van de zaak een reactie op iets anders. Onze westerse houding van geweldloosheid en pluraliteit lokt bij de ander een instinctieve reactie uit van veroveringsdrift, leidend tot openlijke uitdaging, en als onze houding even krachteloos blijft, wordt er aangestuurd op een krachtmeting. Mensen zijn wat ze zijn, ze zijn niet wat westerse intellectuelen in hun ivoren toren hopen dat ze wellicht zouden kunnen zijn.
  5. Uit gesprekken van oudere collega’s en buurtbewoners kon ik afleiden dat immigranten in vroegere jaren nogal eens met een flagrant gebrek aan respect, zelfs onbeschoft behandeld werden door de politie. Dat verklaart voor een gedeelte het huidige vijandige anti-politie gedrag. Eigen schuld, dikke bult.

De oplossing is culturele integratie in het gastland. Beide partijen hebben hier een duidelijke taak. Mensen van andere etnische en/of culturele afkomst die zich in onze gemeenschap integreren zijn een verrijking zowel voor ons maatschappelijk weefsel als voor onze genenpool.

Indien de multiculturele chaos echter te lang blijft aanslepen, weet niemand meer wat de uitkomst zal zijn. Dan kunnen we de veiligheid en het geluk van de volgende generaties niet waarborgen en kan de gemeenschap met zijn vrijheden en rechten en waarden voor altijd verloren gaan. Ik denk hier vooral aan een discriminerende islamstaat.                              (By the way, ik ben niet extreem-rechts, eerder links)

PS. Er is een verschil tussen multi-ethniciteit en multiculturaliteit. Veel linkse bezorgde mensen lijken te denken dat iemand die tegen de multicul is automatisch een racist is. Een zware beschuldiging die nergens op slaat. Verschillende rassen samen vind ik persoonlijk een verrijking, zelfs een verrijking die wij hier in dit land hard nodig hebben. Maar die mensen moeten zich integreren in onze samenleving, d.w.z. ze moeten onze cultuur aannemen. Dat wil ook weer niet zeggen dat ze zich hetzelfde moeten kleden, hetzelfde eten, dezelfde muziek spelen en dergelijke. Wel dat ze dezelfde grote waarden moeten respecteren, dezelfde reglementen en afspraken gehoorzamen, en rituelen en rites eerbiedigen net als wij zodat onze samenleving efficient kan functioneren met een minimum aan agressie. Mensen die vanuit een andere cultuur naar ons komen en zich integreren in onze samenleving kunnen onze cultuur van binnen uit rijker maken door op vreedzame en geleidelijke wijze veranderingen en verbeteringen voor te stellen en aan te bieden aan hun omgeving. Ook dat is weer een broodnodige verrijking voor ons eigen cultureel patrimonium.

Zo doolde ik een goed jaar geleden wekenlang door Frankrijk op zoek naar een plek om – afin, dat doet er niet toe. Ik vond tijdens de reis verstrooiing door onderweg halt te houden bij een of andere bar-tabac en te luisteren naar de onvermijdelijke discussies over de nakende verkiezingen. De emoties liepen hoog op maar over één zaak waren de mensen het telkens eens: zo kon het niet verder. Het hele systeem was zo rot als iets! Hoog tijd voor een radicale verandering van koers. Het waren voornamelijk volkse mensen die in die bars hun mening te kennen gaven.
In de streek rond Rodez, de Aveyron, waren het de boeren die vol wrok afgaven op diezelfde politieke kaste die nu al twintig jaar aan de macht was. ‘Binnen tien jaar is het gedaan met de Franse boeren’, gromden ze. ‘Weg met die Europese Unie’, riepen ze… In de idyllische dorpjes luisterde ik ook naar de ongeruste inwijkelingen uit de stad. Een beetje meer chichi maar ook bij die groep ontreddering als ik daarover peilde. Het zweet brak hen uit als je over politiek begon. Ja, de politiek faalde tout-à-fait. C’est dégueulasse. Er is iets grondig mis met onze links progressieve traditie. Maar wat is het alternatief vroegen ze zich vertwijfeld af… Smalend viel de naam van Marie Le Pen. Toch geen extremisten!…
Op de televisie draaide de campagne ondertussen al op volle toeren. Bijna continue in beeld was de kandidaat van ‘centrum-rechts’. Zijn naam was Fillon. Ad nauseam vernamen we met zijn allen in de bar-tabacs, restaurants, hotels en authentieke dorpswoningen hoe die vent van het ene schandaal in het andere verzeilde. Toch bleef hij de meeste zendtijd krijgen, wekenlang, tot uiteindelijk alleen zijn wenkbrauwen nog boven de stront uitstaken.
Toen verdween hij helemaal. Een adembenemende stilte daalde neer over het land. Het establishment was zijn kandidaat kwijt! Er waren alleen nog Mélenchon en Marine Le Pen over!… En die beloofden alle twee vol overtuiging net datgene waar al die ontevreden Fransen naar snakten: schoon schip maken; weg met die corrupte clans die nu aan de macht waren; de solidariteit tussen de mensen herstellen; de macht van de banken eindelijk aan banden leggen.
Mélenchon duidde men in de media aan als ‘de extreem-linkse kandidaat’. Als een gewetensvolle boekhouder had hij een hoop rekenwerk gedaan waarmee hij de almacht van de banken aanviel, nationalisaties voorstond en werkmensen een beter leven beloofde.
De blonde Marine Le Pen was ‘de extreem-rechtse kandidate’. Zij ging nog verder: ze zei foert tegen de Europese Unie; ze wilde zelfs uit de NATO stappen en voor vrede in plaats van oorlog ijveren; ze beloofde aan boeren en moegetergde Fransen hun land terug te geven; ze beloofde de immigratie aan banden te leggen.
Maar hoogst zelden kwam er een coherente, integrale speech van Le Pen of Mélanchon op de televisie – het waren telkens kleine fragmenten omkaderd door een paar denigrerende of cynische commentaren en dit werd dan tot in den treure op alle zenders herhaald.
Gaandeweg werd duidelijk dat deze bevlogen, zo te zien heel menselijke politici helemaal niet extreem waren. Wat ze zeiden leek me integendeel heel redelijk en in overeenstemming met de wensen van het brede publiek.
Dat geldt trouwens overal in Europa: het enige extreme op onze politieke scène is het totalitaire neo-liberalisme met zijn destructief, op hol geslagen kapitalisme. Soit.
In elk geval, zo besefte ik, was dit een unieke situatie, een historische kans voor Frankrijk en dus voor Europa. Het volk moest enkel zijn stemplicht vervullen en het vermaledijde oppressieve systeem waar ze allemaal zo op foeterden ging voor lange tijd in de coulissen verdwijnen. Een nieuwe wereld daagde aan de horizon. De Fransen zouden vol fierheid hun kinderen aan hun boezem kunnen knellen en dankbaar uitroepen: we hebben het toch weer eens voor mekaar gebracht! Leve de vrijheid, de broederlijkheid en de gelijkheid. Vol blijde verwachting tufte ik door dit mooie land.
Er was weliswaar ondertussen een vervanger voor Fillon opgevist: een zekere Macron. Al gauw bleek dat die Macron al de waarden vertegenwoordigde waar het volk komaf mee wilde maken: het globalisme, het IMF, de Europese Unie, de rijken en, last but not least, de banken waar hij zijn sporen had verdiend als gewetenloze manager. Het volk zou hem uitspuwen! Nooit waren de opties zo duidelijk. De verkiezingen naderden met rasse schreden…
Ik keerde terug naar België en wachtte vol verwachting op de historische verkiezingsuitslag.
Historisch, jawel! Macron won met ruime voorsprong…
Wat ik hier kwijt wil is het volgende: ik heb in Frankrijk geleerd wie de ‘bange mensen’ zijn. Het zijn niet de mensen die op Le Pen of Mélenchon stemden – die bereid waren hun eigen confortabele wereld op te offeren om voor hun kinderen een betere wereld te bouwen. Want als je Marine Le Pen of Mélenchon bezig hoorde, hoorde je de klokken van de revolutie luiden. En een revolutie brengt veel onzekerheid met zich mee en vraagt offers. En dat zag de meerderheid van de Fransen op het laatste ogenblik toch niet zitten. Zij hebben zich die dag in Mei 2017 als lafaards gedragen.
Je kon het zien aan dat lachje van Macron, terwijl hij de handen schudde van het gepeupel achter de hekken op de Champs Elysées: te laat, sukkels! De kans is verkeken.
Misschien voor een heel lange tijd…
Dat hebben we te danken aan al die mensen die zogezegd te progressief waren, te politiek correct om Le Pen of Mélanchon aan de macht te brengen. Te principieel om op ‘extreem-links’ of ‘extreem-rechts’ te stemmen.
Laat ons niet lachen. Te laf, dat waren ze. Hoe gaan ze dat uitleggen aan hun kinderen als die groot zijn, wat er precies gebeurt is die historische dag in Mei vorig jaar toen in Frankrijk de democratie ten grave gedragen werd?…
C’est Macron qui a rassemblé les votes de la peur!

Dit politiek correcte jargon is inderdaad een belangrijk middel om mensen de mond te snoeren. Een van de meest gebruikte termen is: de bange belg of de bange burger. En hiermee bedoelt men mensen die ‘fout kiezen’ omdat ze bang zijn van maatschappelijke veranderingen zoals ongecontrolleerde immigratie.’

Hier ben ik het niet mee eens. Ten eerste gaat het hier meestal niet om bange mensen maar om mensen die zich ongerust maken over de weg die hun gemeenschap opgaat. Ten tweede vergt het alleszins minder moed om op pakweg SpA, OpenVLD of CD&V te stemmen dan op bijvoorbeeld het Vlaams Belang wiens kiezers geconfronteerd worden met de openlijke intolerantie van het establishment en de vage dreiging van geweldadige repressailles.

De bange burger moet men elders zoeken. In gedachten zie ik hem voor me op de tram zitten met zijn neus in de Correcte Gazet terwijl twee banken verder een meisje het op moet nemen tegen vier verbaal agressieve jonge Maghrebbijnen. Ik doe hier absoluut geen uitspraak over politieke keuzes maar wie bang is, stemt niet op het Vlaams Belang en nog minder op extreem-rechtse groepen, die stemt op de traditionele partijen. Omdat hij bang is zijn nek uit te steken, omdat hij zijn gezapig luxeleventje niet op het spel wil zetten, omdat hij de hot potato liever aan de volgende generatie doorgeeft.

Après moi, le déluge, denkt hij terwijl hij zijn hypocriete smoel nog dieper wegsteekt in het laatste nieuws over Putin, over de IS, over de achterlijkheid van de VB-kiezers… Dat soort mensen geven me de kriebels…

 

Tijdens de jaren waarin de dagboeken werden geschreven, klonken talloze waarschuwingen uit verschillende hoeken betreffende het radicaliseren van voornamelijk jonge maghrebijnen door imans in de straten van de hoofdstad. Journalisten gingen undercover en publiceerden krantenartikels; verontruste Marokkaanse Belgen waarschuwden politie en gerecht; politiemensen acteerden onrustwekkende feiten maar telkens en telkens opnieuw werd er op die signalen vanuit politieke hoek op zeer repressieve manier gereageerd. Zowel de burgemeester van Brussel als de minister van Binnenlandse Zaken vonden dat er geen vuiltje aan de lucht was. Degenen die aan de alarmbel trokken waren racisten, fascisten, enz… Alles ging de doofpot in.

Jaren later vind er een aanslag plaats in de luchthaven van Zaventem met als resultaat een menselijke tragedie. Het blijkt plots dat Brussel en zijn randgemeenten uitpuilen van de jihadterroristen. Er wordt een commissie opgericht om na te gaan wat er fout was gelopen, wie in gebreke was gebleven. De voorzitter van die commissie was de toenmalige minister van Binnelandse Zaken…

Belgische politiek op zijn best!

CULTUUR: Hoe onartistiek het ook mag lijken voor vele ‘cultuurliefhebbers’, het fundament van onze menselijke cultuur is de absolute vereiste om de primordiale agressie die heerst tussen individuen te blokkeren of om te buigen zodat de paring, het zorgen voor nakomelingschap en de vorming van sociale groepen een kans krijgen (d.w.z. activiteiten waarbij individuen mekaars nabijheid moeten verdragen).

Wat is dan de definitie van cultuur? Cultuur is een verzameling normen en waarden die leden van een bepaalde gemeenschap toelaten zo efficiënt mogelijk samen te leven en te werken. Met normen en waarden bedoelen we al de regels, afspraken, rites, dogma’s, taboes en vooral rituelen die elk lid van onze gemeenschap moet leren gehoorzamen om zo vreedzaam mogelijk in die gemeenschap te functioneren. Denk aan de moeite die ouders zich getroosten om hun peuters“goede manieren” te leren.

De meeste rituelen zijn begroetingsrituelen en baltsrituelen, bedoeld voor situaties waarin individuen mekaar op vreedzame wijze dicht moeten naderen.

Groeten, lachen, een maaltijd delen, preutsheid, de hoofdknik, het handen schudden, het heupwiegen, het knielen, het decolleté, het maquilleren van wimpers zijn voorbeelden van door het instinct gecreëerde en door de cultuur gemodelleerde agressieremmende handelingen. Het wijfje, de communicator bij uitstek, speelt hierin meestal de hoofdrol.

Fundamenteel gezien bestaat agressieremmend gedrag hierin dat er tijdens het naderbij komen naar de ander toe signalen van onderdanigheid en van pacificatie worden uitgezonden. Deze signalen nemen bij de andere de angst weg en brengen in vele gevallen (en dikwijls onbewust) een aangenaam gevoel van overwinning teweeg.

Bij de hogere sociale dieren zijn vele agressieremmende mechanismen van een zulkdanige cerebrale verfijning dat men een fundamenteel verschil maakt tussen de instinctieve ‘dierlijke’ rituelen en de menselijke, culturele rituelen. Puur instinctief gedrag gaat hier over in zelfbewuste cultuur. Voor meer inzichten kan men het baanbrekend werk van Konrad Lorenz raadplegen (bv. ‘Agressie bij mens en dier’)

MULTICULTURALITEIT: Dit inzicht laat ons toe de absurditeit van een multiculturele maatschappij te onderkennen. Het essentiële punt van cultuur is net dat ze uniformiteit in regels, afspraken, geboden, enzoverder schept zodat de voorwaarden voor agressie tussen leden van een gemeenschap tot een minimum beperkt blijven.

Het enige resultaat van een multiculturele maatschappij is een onfortuinlijke verhoging van de agressie, net zoals het handhaven van twee verschillende verkeersreglementen in dezelfde straat even onvermijdelijk zal leiden tot verhoogde agressie.

De man in de straat heeft dus overschot van gelijk als hij vertwijfeld uitroept: “Ze zijn welkom maar ze moeten zich wel integreren”. Met integreren bedoelt hij hier duidelijk: zich aanpassen aan onze cultuur.

Vele mensen verwarren blijkbaar multiculturaliteit met multi-etniciteit. Multi-etniciteit is een welkome verrijking van de gemeenschap.